Amandel,  Parel

Rust

Gisteren avond en nacht was het rustig in het kamp. De mannen hebben tot een uur of één kaartjes gelegd en gepassioneerd met elkaar over het leven gefilosofeerd.  Iedereen heeft de kans gekregen om te slapen en de meesten werden pas rond een uur of zeven ruw gewekt door een graafmachine die in verband met rioolwerkzaamheden het asfalt aan het openbreken was. Geen soldaten dus vannacht. Hoe ik dat weet? Ik heb vannacht in het kamp geslapen.

Er is binnen het kamp een guesthouse waar iedere geïnteresseerde mag logeren om iets meer te begrijpen van het leven in een vluchtelingenkamp. Om de activiteiten van Ibdaa echt te ervaren én vanuit mijn nieuwsgierigheid moest ik hier van mezelf een nachtje doorbrengen. Nu ik het kamp een beetje leer kennen, ben ik blij dat ik kan vaststellen dat de faciliteiten in het guesthouse een stuk soberder zijn dan die in de huizen van de vluchtelingen zelf. Het is allemaal schoon en netjes, alleen mijn eigen verwende inner Vick moest even over een drempeltje om in een sobere omgeving zonder daglicht en alleen het broodnodige te verblijven. Buiten de soberheid was er ook een soort van opgewonden vreemde spanning, omdat je nooit weet wanneer er een inval plaatsvindt. Ergens wil je meemaken wat zo normaal is voor de bewoners hier, maar liever niet natuurlijk. Dat het vannacht rustig was, gaf mij een heel vreemd gevoel van teleurstelling. Misschien ook wel een beetje gevoed vanuit de teleurstelling van de mensen hier die stiekem wel wilden dat ik een glimp zou kunnen opvangen van hoe zij midden in de nacht vaak worden opgeschrikt door een inval, wetend dat ik geen gevaar zou lopen.

Ik kan me voorstellen dat het behoorlijk belachelijk overkomt dat ik eerder nog heb besloten om niet naar Jordanië te gaan maar anderzijds het gevaar van de nacht in een vluchtelingenkamp opzoek. Je moet er in zitten om dit te kunnen begrijpen denk ik. Maar weet dat ik mijn eigen veiligheid echt boven alles plaats en dat ik nooit in het kamp zou slapen als ik niet zeker zou weten dat het veilig is. Zo lang ik me niet meng in het conflict en me afzijdig hou van activiteiten die gericht zijn tegen wie dan ook, ben ik geen target. Daarnaast zijn mijn Nederlandse paspoort en het kruisje om mijn nek een schild waarachter ik kan schuilen indien de situatie daarom zou vragen. Die vrijheid geeft me wel dat vreemde ongemakkelijke gevoel dat ik begin te haten. Dat ik dit hier wanneer ik wil achter me kan laten en zovelen hier niet…

Na de zoveelste reality check en een vreemde nacht in het kamp, ga ik vanavond weer in mijn luxe smokkelaars kamer slapen na een fijne avond uit met vriend L. en een vriend.

Ondanks alles is het hier echt goed.

En weet je wat?
Dat maakt me trots, want het zijn de mensen die er ondanks alle bizarre omstandigheden en beperkingen een prachtige omgeving van maken. Wederom: oerkracht.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.